Koninklijke Belgische Vereniging van Transportverzekeraars stelt jaarresultaten 2025 voor aan de transportverzekeringsmarkt

Koninklijke Belgische Vereniging van Transportverzekeraars stelt jaarresultaten 2025 voor aan de transportverzekeringsmarkt

De Koninklijke Belgische Vereniging van Transportverzekeraars, ook bekend als ABAM BVT, heeft vandaag haar jaarlijkse marktanalyse en de resultaten voor het boekjaar 2025 voorgesteld aan de Belgische transportverzekeringsmarkt. Uit de cijfers blijkt dat 2025 globaal degelijk is gestart, maar dat meerdere lijnen opnieuw onder druk staan door stijgende schadelasten, aanhoudende concurrentie en een uitdagende economische context.

Na het uitzonderlijk gunstige resultaat in 2023 ligt de evolutie van de markt opnieuw dichter bij het patroon van de voorgaande jaren. Hoewel het schadebeeld voor 2025 in verschillende segmenten voorlopig beheersbaar lijkt, blijft de internationale context uitdagend. Economische onzekerheid, geopolitieke spanningen, gewijzigde handelsroutes en schommelingen in grondstoffenprijzen en wisselkoersen blijven een belangrijke invloed uitoefenen op de transport- en verzekeringssector. Tegelijk is het totale premievolume in de markt gedaald, onder meer door een beperkter aandeel in Ocean Hull en een slechts beperkte groei in andere productlijnen.

Cargo blijft de dragende pijler van de markt

Cargo vertegenwoordigt in 2025 ongeveer 82% van het totale incasso, tegenover 67% in 2020, en bevestigt daarmee zijn centrale positie binnen de Belgische transportverzekeringsmarkt. De premie-inkomsten stegen tussen 2024 en 2025 slechts beperkt, met ongeveer 2,13%, wat erop wijst dat eerdere groeifactoren zoals inflatie, grondstofprijzen, wisselkoerseffecten en rapporteringswijzigingen vandaag minder sterk doorwerken.

De vereniging stelt vast dat de cargomarkt de voorbije jaren is geëvolueerd van een harde naar een zachtere markt, onder invloed van sterke concurrentie uit Londen, Azië en van nieuwe spelers. Tegelijk neemt het draagvlak voor bijpremies inzake oorlog, staking en oproer verder af, ondanks de reële geopolitieke risico’s. De bruto loss ratio voor 2025 start na twaalf maanden op 48,70%. Dat blijft op zich gunstig, maar de toekomstige rentabiliteit kan onder druk komen door verminderde onderschrijvingsdiscipline, verdere escalatie van geopolitieke spanningen en een blijvend competitieve marktomgeving.

Logistic Liability onder druk door fraude en diefstal

In 2025 heeft de vereniging ervoor gekozen om de traditionele benaming “CMR” te vervangen door “Logistic Liability”. Daarmee wil zij beter aansluiten bij de ruimere waaier aan dekkingen en waarborgen die transportverzekeraars vandaag aanbieden aan logistieke dienstverleners in een multimodale vervoerswereld. De terminologie weerspiegelt de realiteit van een sector waarin contractuele en buitencontractuele aansprakelijkheden steeds nauwer op elkaar aansluiten.

De economische context voor logistieke dienstverleners blijft bijzonder moeilijk. Het aantal faillissementen in de sector blijft hoog en vooral kleinere ondernemingen ondervinden grote druk in een geglobaliseerde markt. De combinatie van beperkte marges, de noodzaak om te investeren in vergroening en stijgende operationele kosten, waaronder brandstof, laat weinig ruimte voor structureel herstel.

De resultaten van de Belgische transportverzekeraars in dit segment tonen voorlopig slechts een beperkte achteruitgang, maar de stijging van de loss ratio bij aanvang van het tekenjaar baart zorgen. Die hogere schadelast houdt in belangrijke mate verband met de toename van diefstallen van volledige voertuigen en met het hardnekkige fenomeen van vrachtbeursfraude. Beide risico’s hebben een directe en aanzienlijke impact op de rentabiliteit van deze tak.

Bij de grote schadegevallen blijkt verlies van lading veruit de belangrijkste schadeoorzaak. Ongeveer een kwart van de dossiers boven 50.000 euro is toe te schrijven aan vrachtbeursfraude, terwijl fysieke diefstallen goed zijn voor ongeveer 45% van die schadegevallen. Samen vertegenwoordigen beide oorzaken dus het overgrote deel van de zware schadelast binnen Logistic Liability.

De vereniging benadrukt dat blijvende investeringen in preventie, waakzaamheid en bewustmaking noodzakelijk zijn. Fraudeurs slagen er nog te vaak in om ladingen te identificeren via digitale vrachtbeurzen en zich met minimale aanpassingen in naam of domein voor te doen als legitieme vervoerders. Dit vraagt een volgehouden inspanning van verzekeraars, logistieke spelers en hun klanten om processen verder te versterken en fraudegevoeligheid te beperken.

Inland Hull blijft een structureel moeilijke lijn

Ook in Inland Hull kleuren de resultaten opnieuw rood. De premieontwikkeling in 2024 bleek geen uitzondering en de trend zet zich in 2025 verder. De sterke terugval tegenover 2023 lijkt mede te verklaren door het feit dat een verzekeraar zich uit deze activiteit heeft teruggetrokken. Hoewel 2025 voorlopig een premiegroei van ongeveer 10% laat zien ten opzichte van 2024, volstaat dit niet om de structurele druk op de rendabiliteit weg te nemen.

Ocean Hull blijft onder druk staan

In Ocean Hull zet de trend van de voorbije twee jaar zich voort. De lijn start in 2025 op een duidelijk hoger schadeniveau dan in 2024, wat erop wijst dat ook hier de rendabiliteit onder druk blijft staan. Tegen de achtergrond van een dalend premievolume en een competitieve marktcontext blijft voorzichtigheid geboden in de onderschrijving.

Voorzichtig optimisme, maar blijvende waakzaamheid nodig

Met de voorstelling van de resultaten voor 2025 bevestigt de Koninklijke Belgische Vereniging van Transportverzekeraars haar rol als spreekbuis van een markt die waakzaam blijft voor economische, geopolitieke en operationele risico’s. De vereniging onderstreept dat gezonde technische resultaten alleen mogelijk blijven wanneer voldoende aandacht wordt besteed aan onderschrijvingsdiscipline, preventie en een realistische tarifering. Tegen die achtergrond roept ABAM BVT de markt op om ook in 2026 in te zetten op duurzaamheid, professionalisering en een gezamenlijke aanpak van de toenemende fraude- en schaderisico’s.

****

Persbericht – Jan Haentjens